Constructieve veiligheid van uitkragende betonnen vloeren van galerijflats - C248

Onderzoek en beoordeling


De publicatie omvat een protocol voor het uitvoeren van onderzoek naar en beoordeling van de constructieve veiligheid van uitkragende gewapende betonvloeren van galerijflats, alsmede de achtergronden waarop dit protocol is gebaseerd. Het betreft hier specifiek vloeren, die monoliet zijn verbonden aan de achterliggende betonnen verdiepingsvloeren en/of gevelbalken.

 

In mei 2011 is een galerijconstructie van de Antillenflat te Leeuwarden bezweken. De bevindingen van het onderzoek naar de oorzaak van deze schade en van aanvullend onderzoek bij soortgelijke flatgebouwen in Leeuwarden zijn samengevat in hoofdstuk 2. Uit deze onderzoeken is geconcludeerd dat er drie technische aspecten zijn, die de constructieve veiligheid bedreigen:

 

• de aanwezigheid van putcorrosie op de wapening ten gevolge van, via scheureningedrongen, chloriden;
• een lagere hoogtepositie van de wapening, dan waarvan bij het ontwerp isuitgegaan;
• een hogere belasting op de vloerplaten, dan waarvan bij het ontwerp is uitgegaan.

 

Genoemde aspecten moeten in samenhang worden beschouwd. Het eerst genoemde aspect kan verkend worden door een beoordeling van de buigtrekspanningen en de daaruit af te leiden kans op scheurvorming. Een verdere verkenning van dit aspect vereist destructieve onderzoeksmethoden, zoals boringen, meten van chloridengehalten en/of potentiaalmetingen. Het tweede en derde aspect kunnen bij constructies, waarvan berekeningen en/of tekeningen bekend zijn, meestal met niet-destructieve methoden voldoende goed worden onderzocht. Als tekeningen en berekeningen ontbreken, is echter veelal destructief onderzoek nodig om een goede inschatting van het risico op een constructief onveilige situatie te kunnen maken. De constructieve veiligheid moet publiekrechtelijk voldoen aan de eisen die in het Bouwbesluit zijn beschreven voor bestaande bouw.

 

Om het uitvoeren van een uitgebreid onderzoek naar de kans op putcorrosie, verantwoord te kunnen uitstellen, is in het protocol een rekenkundige toets voorzien met een gereduceerde wapeningsdoorsnede. Indien hierbij aan de eisen wordt voldaan, dan wordt het risico op onvoldoende draagvermogen ten gevolge van een aantasting door putcorrosie op korte termijn, voldoende klein geacht. Veelal is het dan echter wel noodzakelijk om een voortzetting van het onderzoek in te plannen bij het regulier uit te voeren onderhoud van de constructie.

 

Het onderzoeksprotocol is in hoofdstuk 4 stapsgewijs beschreven en leidt uiteindelijk tot de conclusie dat de constructie al dan niet voldoet aan de publiekrechtelijke eisen voor bestaande bouw. Desgewenst kan de eigenaar besluiten dat bij het toetsen van de veiligheid een niveau wordt aangehouden, dat hoger is dan dat volgt uit de publiekrechtelijke eisen voor bestaande bouw.

 

Voor het geval de constructie niet voldoet zijn in hoofdstuk 5 eventuele maatregelen beschreven. In hoofdstuk 6 worden tot slot enkele opmerkingen gemaakt over de communicatie bij het uitvoeren van het onderzoek en de restlevensduur van de constructie.

 

De bijlagen omvatten, naast het stroomdiagram van het protocol, informatie over de toepassing van de vloeilijnentheorie, conversietabellen van betonkwaliteiten en betonstaalsoorten en een overzicht van meetmethoden.

 

-------------------------------------------

» 50 pagina's
» jaar van uitgifte: 2012
» pdf download
» prijs € 19,95 

-------------------------------------------

BESTEL PDF

(na betaling via ideal krijgt u toegang tot de link waarmee u de pdf direct kan downloaden)